WIPNEUZEN

De wipneuzen is één van de twee kaboutergroepen binnen Scouting Goirle. Het is een groep meiden van 7 t/m 11 jaar. De kabouters leven in het fantasieland Bambilië. Dit land bestaat uit verschillende dorpjes. Ieder dorpje heeft zijn kwaliteiten. Zo is Holdorp een sportdorp en wonen in Haverhoek de bakkers. De wipneuzen zijn verdeeld over vier dorpjes. Nu hebben we Wamshaven, Jiggelen, Miegenum en Vlitter. Ieder dorpje heeft een burgemeester. Dit is een oudste kabouter. De taak van de burgemeester is het dorpje te helpen met spellen en ze zorgt ervoor dat het stil is met het openen.

De wipneuzen en hun ouders worden op de hoogte gehouden van activiteiten en weekenden door Vlitterbodes. Hierop staan ook altijd onze telefoonnummers vermeld.

Iedere leiding is vernoemd naar een dorpje.

Wie is er leiding?

Wat is zijn/haar echte naam?

Vlitter

Ilse Bekkers

Mops

Anne van ’t Westende

Drintel

Karen van Beijsterveldt

Jiggel

Dirk van den Hout

 Ook hebben de wipneuzen kokkies die altijd mee gaan op weekenden en het kamp. Zij zorgen voor het eten, de ranja en gedeeltelijk voor het corvee.

Wie is er kokkie?

Wat is haar echte naam?

Reske

Paulien van Bohemen

Raasa

Nanda van Erven

 Wat doen wij op zaterdagen?

De wipneuzen beginnen altijd met het openingslied. Daarbij gaan alle kabouters in hun ‘dorpje’ staan en komen ze dorpje voor dorpje in de kring staan. Ondertussen zingen we het lied. Daarna wordt de vlag gehesen en wordt er verteld wat we gaan doen.
Openingslied:
Ga je mee
Ga je allemaal eens mee
Naar het land aan de zee
Waar kabouters, groot en klein
Spelen, zingen, bezig zijn
Spelen in ’t bos, of bij een rivier
Helpen een handje, maken plezier
Waar is dat land?
Hoe heet dat land?
Dat land, dat heet Bam bam bilië (4x)

Als het goed weer is gaan we meestal naar de hei of de bossen. Dan doen we daar allerlei spellen. Als het minder goed weer is gaan we knutselen of we doen binnen wat kleine spelletjes. Soms gaan we vuur maken en daar broodjes of marshmallows op bakken. Er wordt ook veel gestoeid, en je kunt  ook goed vies worden. Als hier klikt zie je ook foto’s staan. Hier hebben de kabouters een stripverhaaltje gemaakt wat over Pasen ging.

Iedere middag sluiten we af met het sluitingslied. Ook hierbij gaan de kinderen eerst in hun ‘dorpje’ staan en zingen we het lied. Hierna wordt de vlag gestreken en gaan we naar huis.
Sluitingslied:

Ga je mee
Ga je allemaal eens mee
Naar het huis, onze straat
Waar kabouters, groot en klein
Spelen, zingen, bezig zijn
Leren op school en dromen in bed
Helpen een handje, maken veel pret
Een week gaat vlug
Dan zijn we terug
Bam bam bilië (4x)

 Uniform en installatie

De wipneuzen dragen iedere zaterdagmiddag een uniform. Dit bestaat uit een groene blouse, een blauwe spijkerbroek en een das. Op de blouse zitten insignes. Hieraan kun je zien bij welk land jouw scoutinggroep hoort, bij welke speltak je zit (Wipneuzen), bij welke scoutinggroep je zit (St. Willibrord) en je krijgt een insigne waarop jouw dorpjesteken staat. Ook hebben de wipneuzen nog een eigen T-shirt. Dit is een blauw T-shirt waarop het land Bambilië staat. Dit geld ook als uniform, dus als het warm is hoef je de blouse niet aan.

Het uniform zal in totaal ongeveer 30 tot 40 euro kunnen kosten.

In januari worden de nieuwe kabouters geïnstalleerd. De nieuwe wipneuzen kunnen dus van september tot januari kijken of ze het echt wel leuk vinden. Met de installatie krijg je eerst een ontgroening. Hierbij moeten er eerst wat spelletjes gedaan worden, en je wordt dan een beetje vies. Daarna leg je een belofte af en dan krijg je het uniform aan.

 Weekenden en kampen

De wipneuzen gaan drie keer per scoutingjaar op ‘weekend’. Het eerste weekend is één overnachting om kennis met elkaar te maken. Dit is meestal rond November en is gewoon in scoutinggebouw. Het tweede weekend is ook in het scoutinggebouw en duurt twee nachten. Meestal is dit weekend in een bepaald thema en is zo rond februari. Het derde weekend duurt ook twee nachten maar dan slapen we in tenten in het bos, en dit is rond mei.

In de zomervakantie gaan we op kamp. Dit duurt een hele week, dus van zaterdag tot zaterdag. Ook dit kamp is altijd in een thema. We hebben bijvoorbeeld Jumanji, Pippi Langkous en Sprookjes in de war als thema gehad. We beginnen het kamp altijd met een viering in de kerk. Daarna gaat iedereen tegelijk naar zijn of haar kampterrein. Op de zaterdagavond is het meestal een beetje een inleiding voor het kamp. De rest van de week doen we allerlei verschillende dingen, van tochten tot sluipen en van zwemmen tot spooktochten. En alles in thema. De laatste avond van het kamp komen we met alle speltakken van onze scouting bij elkaar en verteld iedereen elkaar wat ze gedaan hebben doormiddel van liedjes.

De wipneuzen vinden het kamp altijd super leuk en we sturen dan ook altijd vrolijke kaartjes naar huis. En de kabouters zijn ook altijd heel blij als ze post krijgen van het thuisfront.